Een stevig ontbijt met eieren, spek, warme yak-melk en yak-yoghurt: dat is een goede bodem voor de tocht door de Tiger Leaping Gorge. Alle eerdere gidsen keken ons veelbetekenend aan als ze lazen dat we 6 uur gaan lopen door deze kloof. We zijn dus gewaarschuwd! Het hotel is een traditioneel Tibetaans huis dus heeft een mooie bennenplaats en voordeur.
De straten in de oude stad zijn nog erg stil zo vroeg in de ochtend. Als we Shangri La verlaten, zien we een grote stupa bij de ingang va de stad. In China wil men graag dingen nieuw en glanzend, terwijl de Europeanen het oorspronkelijke meer waarderen. We stoppen voor een rustpauze bij het geboortedorp van de chauffeur, waar je een rondje op een paard kunt rijden. Tibetanen houden van paarden en paardenraces.
In de Toyota-bus hangen afbeeldingen van boeddha en Chairman Mao broederlijk naast elkaar. Voor veel Tibetanen heeft Mao tenslotte hen bevrijd van de feodale heerser in 1957. Het brengt vast geluk want even later worden we bijna de weg afgesneden door een riskante inhaalmanoeuvre. Onze chauffeur besluit verhaal te halen en haalt op zijn beurt deze auto in. Ik heb mijn gordels nog maar een strak aangetrokken - in het algemeen heel veilige chauffeurs maar het loopt ook geregeld mis.
Op het punt waar de rivier vanuit Shangri La de Jinsha instroomt (later wordt dit de Yangzi die helemaal doorstroomt naar Shanghai) begint de klim omhoog. Het water kleurt hier bruin en groen: het bruin is afkomstig van modder en mineralen van de bovenstroom van de Yangzi rivier. De kammen van bergen tot wel 5.700 m doemen voor ons op. Voorlopig gelukkig helder weer want bij regen treden in dit gebied veel landverschuivingen op. Veel moed putten we uit de aankondiging dat er 28 bochten aankomen (en we zijn gewaarschuwd dat ze steil zijn). De rivier begint steeds dieper onder ons te liggen; de bergtoppen komen nauwelijks dichterbij. In een Naxi familie lunchen we.
Als we vertrekken begrijpen we ook waarom een Naxi man met 2 muildieren ons al de hele dag volgt: business! Voor omgerekend Euro 50 klimmen Fia en onze gids Maggie op de dieren, Paul, Jim, Mitch en Nena moeten op eigen kracht naar boven. En iedere keer als we denken dat we de eerste bocht erop hebben zitten, blijkt dat we nog steeds niet aan het begin zijn. Uiteindelijk komen we dan bij het steilste stuk. En omdat je toch omhoog moet, gewoon iedere bocht hardop tellen. Het viel uiteindelijk mee, en helemaal naar Tibet hoefden we ook niet te klimmen. Het uitzicht is fantastisch. Een foto maken kost hier 8 Yuan (1 Euro)!
Door de bossen dalen we vervolgens af naar het Tea Horse Guest House. Onderweg veel bloemen, en zelfs een wandelende tak! Ruim op tijd komen we aan in het Guest House en daar hebben we ons biertje wel verdiend! Gelukkig hebben we kamers in een nieuw deel. Dit is echt een Lonely Planet backpackers hotel: vooral westerse gasten, ontbijten met bananenpannenkoeken, maar een gedeeld hokje net buiten het guest house als toilet/douche is ons iets te basic!
's Avonds gedineerd op het dak van onze slaapkamers: lokale kip en paddenstoelensoep. De gids eet dit keer mee en leert ons dat je ook de botten van de kip kunt eten ...
















Geen opmerkingen:
Een reactie posten